Artikel in de kijker

Toegang tot en vergoeding van ambulante psychologische zorg: wat zegt wetenschappelijk onderzoek?

Patrick Luyten

SAMENVATTING
Er is de laatste decennia enorme vooruitgang geboekt met de ontwikkeling van empirisch onderbouwde
vormen van psychologische behandelingen voor een brede waaier van psychologische
problemen en stoornissen. Hoe hiermee wordt omgegaan en in welke mate ambulante psychologische
zorg deel uitmaakt van de reguliere gezondheidszorg, kan van land tot land aanzienlijk verschillen.
Omdat de vrees bestaat dat een ruime terugbetalingsregeling van een dergelijke psychologische
zorg zal leiden tot wildgroei en dat de financiële kosten ervan de pan uit zullen swingen,
spelen financiële argumenten hierbij vaak een belangrijke rol. Wetenschappelijk onderzoek laat
echter duidelijk zien dat die vrees ongegrond is. Grootschalige studies tonen aan dat psychologische
zorg in de praktijk verloopt via een zogenaamd responsief regulatiemodel: patiënten stoppen
hun behandeling als ze voldoende herstel vertonen. Meta-analyses laten zien dat bij een groot deel
van de patiënten dit herstel vrij snel bereikt wordt (in 4 tot 26 sessies). Een beperkte maar belangrijke
groep behoeft een langere behandeling en bereikt dan een gelijkaardige behandelrespons als
patiënten die minder sessies nodig hebben. De vrees voor ‘overconsumptie’ van psychologische
zorg is dus niet terecht. Integendeel, structurele en financiële inperkingen van de toegang tot psychologische
zorg hebben vaak het tegenovergestelde effect van wat ze beogen: ze verlagen de
effectiviteit en kosteneffectiviteit ervan. Op basis van deze bevindingen worden concrete aanbevelingen
gedaan voor de terugbetaling van ambulante psychologische zorg in België.
 

Trefwoorden: psychologische behandeling, psychotherapie, zorgverzekering, effectiviteit, kosteneffectiviteit
 

Lees het volledige artikel in onderstaande PDF