Word verwacht

Geïnteresseerd in toekomstige artikels in het Tijdschrift Klinische Psychologie? Hier kan je al een voorsmaakje vinden van een aantal artikels:

 

Groeien na verlies van partner? Een kwantitatief onderzoek onder jonge weduwen - Anne-Marie Beelaerts van Emmichoven, Sanne Peeters, Jennifer Reijnders, Mayke Janssens, Nele Jacobs

Verlies van een partner is een van de meest ingrijpende levensgebeurtenissen, zeker wanneer zich dit op een onverwacht moment, vroeg in de levensloop voordoet. In dit artikel wordt verslag gedaan van een crosssectioneel onderzoek onder jonge weduwen naar de relatie tussen persoonlijke groei en welbevinden na het verlies van de partner. Er is onderzocht welke vormen van sociale steun samenhangen met persoonlijke groei. Via besloten onlinefora hebben 153 jonge weduwen aan deze studie deelgenomen. Persoonlijke groei is gemeten met de Posttraumatic Growth Inventory-Short Form (Cann et al., 2010), welbevinden met de Mental Health Continuum-Short Form (Keyes, 2002), alledaagse steun en ondersteuning bij problemen met de Sociale Steun Lijst-Interacties-12 (Van Eijk, Kempen, & Van Sonderen, 1994), tevreden zijn met, tekort hebben aan en te veel ontvangen van sociale steun met de Sociale Steun Lijst-Discrepanties (Van Sonderen, 1991). De resultaten tonen dat persoonlijke groei samenhangt met welbevinden: hoe meer persoonlijke groei ervaren wordt, hoe meer welbevinden er wordt gerapporteerd. Alledaagse steun is, onafhankelijk van de overige vormen van sociale steun, positief geassocieerd met persoonlijke groei, en sociale ondersteuning bij problemen laat een negatieve associatie zien. Alledaagse steun, zoals bezoek van vrienden of familie, het tonen van interesse, maar ook tevredenheid over de ontvangen sociale steun kan bijdragen aan persoonlijke groei. Sociale ondersteuning bij problemen daarentegen kan de regie over het eigen leven in gevaar brengen, met minder ruimte voor groei en welbevinden als gevolg. Naast aandacht voor de beperkingen van deze studie en aanbevelingen voor verder onderzoek, wordt ook kort ingegaan op mogelijke klinische implicaties.

 

De Burnout Assessment Tool (BAT): een nieuw instrument voor het meten van burn-out- Wilmar Schaufeli, Hans De Witte, Steffie Desart

Dit artikel beschrijft de ontwikkeling en psychometrische evaluatie van een nieuw burn-outinstrument: de Burnout Assessment Tool (BAT). Op basis van een theoretische analyse, een overzicht van reeds bestaande burn-outinstrumenten en diepte-interviews met professionals is een nieuwe conceptualisatie van burn-out ontwikkeld. Deze dient als basis voor de BAT, die bestaat uit vier subchalen: uitputting, mentale distantie, emotionele en cognitieve ontregeling, die tevens tot één burn-outscore kunnen worden samengevoegd. Daarnaast worden nog drie aspecifieke secundaire symptomen onderscheiden: psychische spanningsklachten, psychosomatische klachten en depressieve gevoelens. Psychometrische evaluatie in twee representatieve steekproeven (telkens N = 1500) van de Vlaamse en Nederlandse beroepsbevolking ondersteunt de factoriële validiteit, betrouwbaarheid, de convergente en discriminante validiteit, alsmede de constructvaliditeit van de BAT. Voorts worden er voor Vlaanderen statistische normen en klinische grenswaarden gepresenteerd. Er wordt geconcludeerd dat de BAT een valide en betrouwbare vragenlijst is om burn-out te meten, die zowel gebruikt kan worden voor individuele diagnostiek en monitoring in de klinische praktijk als voor screening en benchmarking in organisaties.

 

Deontologie en ethiek voor psychologen - Axel Liégeois

In het vorige nummer van dit tijdschrift hebben we na een onderbreking weer invulling gegeven aan de rubriek deontologie of beroepsethiek. In een eerste artikel schetste Karel De Witte hoe de deontologische code voor psychologen tot stand is gekomen, hoe aan psychologen ondersteuning wordt geboden bij deontologische problemen, en wat deontologische adviezen met betrekking tot een aantal thema’s kunnen inhouden (De Witte, 2020). Samen met die bijdrage vormt dit artikel een tweeluik. Het behandelt de verhouding tussen deontologie en ethiek vanuit een ethisch perspectief. Eerst verkennen we de verschillende stromingen binnen ethiek en deontologie. Daarna kijken we vanuit een ethisch perspectief naar de deontologische code voor psychologen. Tot slot schetsen we hoe ethiek psychologen kan ondersteunen bij problemen in de praktijk. Dit artikel is gebaseerd op literatuur en op persoonlijke ethische reflectie. Deze reflectie is niet neutraal, zoals ethiek nooit neutraal kan zijn. Ze gaat uit van een relationele visie op ethiek, waarbij waarden, grondhoudingen en dialoog centraal staan.

 

Digitale tools in de Vlaamse geestelijke gezondheidszorg: kansen en uitdagingen - Nele Stinckens, Claude Missiaen, Tom Van Daele

COVID-19 zorgde voor een versnelling in de digitalisering van de geestelijke gezondheidszorg. Een grote groep hulpverleners deed voor het eerst beroep op technologie, waar men voordien meestal trouw bleef aan een meer traditionele, ambachtelijke vorm van hulpverlening. Op basis van de resultaten van een haalbaarheidsstudie, die we met steun van het Vlaams Agentschap Innoveren en Ondernemen uitvoerden voor de pandemie, willen we in deze forumbijdrage onze inzichten delen over hoe digitale psychologische tools ook in de toekomst blijvend kunnen worden ingezet om een doordacht, onderbouwd en klinisch relevant gebruik optimaal te benutten. Het grootste potentieel van digitale tools in Vlaanderen ligt in een betere hervalpreventie, een breder en meer gedifferentieerd zorgaanbod en meer focus op herstelgerichte zorg. De uitdagingen blijken vooral te liggen op vlak van coaching en ondersteuning. Cliënten moeten gegidst worden in het gebruik van digitale tools en hulpverleners moeten opgeleid worden in het verruimen van hun zorgaanbod. Ook de vrees voor een aantasting van de therapeutische relatie verdient alle aandacht, net als de psychische draagkracht en de graad van digitalisering van cliënten.  Cliënten en hulpverleners willen niet dat online hulp in de plaats komt van het vertrouwde zorgaanbod. Blended therapie, een combinatie van face-to-face therapie en digitale psychologische tools, heeft daarom de voorkeur. Het is aan de geestelijke gezondheidszorg om zelf de kansen te grijpen die digitalisering biedt en, rekening houdend met bovenstaande uitdagingen, het toekomstig ambacht van psychologische hulpverlening mee vorm te geven.

 

Positief herbenoemen als start van persoonlijkheidsontwikkeling - Marc Van Mechelen

De Kus van Dabrowski is een autobiografische roman van Chris Van Camp. Niet alles in een autobiografische roman is noodzakelijk waar, anders was het geen roman, maar in grote lijnen is de situatie als volgt: de ik-verteller, Chris Van Camp-Schöller, wordt in 1963 in Lier geboren als dochter van huisvrouw en amateuractrice Wiza. Wiza is dan veertig en heeft al een zoon van vijftien. Officieel is Jan Van Camp haar vader, maar in werkelijkheid is dat vishandelaar Rik Schöller, die samen met Wiza menige operette ten tonele voerde. Er wordt flink geroddeld in Lier. Chris heeft al heel jong door dat ze ongewenst én een bastaard is. Ze noemt haar biologische vader nonkel Rik en diens vrouw “marraine”. De twee gezinnen gaan veel met elkaar om, waarbij het ongewenste dochtertje voortdurend de spanning ervaart. Ze probeert haar moeder te bewijzen dat “het ongelukje” nog zo erg niet is. Ze spant zich in om de verziekte relaties tussen moeder, vaders en doopmeter leefbaar te houden. Ze ontwikkelt een onleefbaar verantwoordelijkheidsgevoel, driftbuien, allergieën, maagpijn, slapeloosheid en allerlei kwetsuren die ze opstapelt in haar “pijnkabinet”. Chris Van Camp-Schöller schrijft dit boek tijdens de laatste levensdagen van haar 95-jarige moeder. Tussen de spullen van haar moeder in het woonzorgcentrum vindt ze een boek van de Poolse psychiater Kazimierz Dabrowski: Positive desintegration. Het boek stelt haar in staat zichzelf anders te bekijken en ze put er onvoorstelbaar veel moed uit. We bepreken deze roman, omdat Chris Van Camp op een heel heldere manier psychische processen beschrijft, omdat ze de vraag stelt hoe normaal het normale is, en overtuigend beschrijft hoeveel ontwikkelingskansen conflicten, crisissen en zogenaamd afwijkend gedrag bieden.

 

Naar een definitie van burn-out voor België -  Sylvie Gerard, Jacques De Mol

Burn-out is momenteel een belangrijk volksgezondheidsprobleem waarbij gezondheidswerkers zich vaak machteloos voelen, met name omdat het begrip niet degelijk is gedefinieerd. Om aan dit probleem tegemoet te komen heeft de Hoge Gezondheidsraad in 2017 over dit onderwerp een advies opgesteld. Om te bepalen wat de voornaamste elementen van burn-out zijn, werden de definities uit de literatuur en uit rapporten van adviesorganen in verschillende Europese landen bijeengebracht. Consensusvorming onder deskundigen leidde vervolgens tot de volgende definitie van burn-out voor België: een professionele uitputting als gevolg van een (langdurig) gebrek aan reciprociteit tussen de investering en wat iemand terugkrijgt; dit heeft een impact op de beheersing van de emoties en de cognitieve vermogens, wat op zijn beurt kan leiden tot een verandering in het gedrag en de attitudes (mentale afstand), wat leidt tot een gevoel van professionele onbekwaamheid.

 

 

Recensies van de volgende boeken:

  • Professor dr. Piet Fontaine: pionier van de kinderpsychiatrie in België - Gaston Cluckers.

  • Handboek psychose – Philippe Delespaul

  • Psychische klachten bij ouderen: diagnose en behandeling- Lies Van Assche

  • Jij bent toch mijn dochter? Een jonge psycholoog strijdt voor mensen met dementie – Evi Goris

  • Hoarding disorder- Giovanni Timmermans

  • Focus op familie bij de behandeling van psychiatrische problematiek – Marit Berends, Alice Van Welsum, Giovanni Timmermans